Dat hij zich voelt misleid

27 juni 2014

Citaat

Op Radio 1 vanmorgen rond half acht, nieuwslezer van dienst Dorald Megens, in het inbliksel vanaf tijdstip 31m37s:

Irak heeft tweedehands gevechtsvliegtuigen gekocht van Rusland en Wit-Rusland. De Iraakse premier Maliki zei tegen de BBC dat-ie daarmee denkt de oprukkende rebellen van ISIS te kunnen verslaan. Irak had eigenlijk F-16’s besteld, in Amerika, maar de levering daarvan laat op zich wachten, en Maliki zegt dat-ie zich door de Amerikanen voelt misleid.

Voelt misleid”? Kan dat wel zo? Moet het niet ‘misleid voelt’ zijn?

Check

De voorwaarden voor de eerste volgorde zijn:

  1. ‘Misleiden’ moet een overgankelijk werkwoord zijn. Dat is het: je kan iemand misleiden.

  2. Er moet een handeling zijn, iemand moet dat misleiden gedaan hebben. Klopt hier: de Amerikanen deden het – althans in de indirect (ik de NOS en de NOS de BBC) geciteerde visie van premier Maliki.

  3. Het als persoonsvorm vervoegde werkwoord, hier ‘voelen’, moet een hulpwerkwoord zijn, geen koppelwerkwoord of ‘gewoon’ werkwoord. Lijkt mij duidelijk geen hulpwerkwoord, ‘voelen’. (Een koppel­werkwoord is het ook niet, of nauwelijks.)

Op die derde voorwaarde loopt het dus stuk, vind ik, en de door de nieuwslezer (tevens redacteur, vaak, denk ik?) gebruikte formulering is echt fout.

Waarom tóch? En waaróm toch?

Hoe is te verklaren dat die toch gebruikt werd? Misschien door analogiewerking of verkorting.

Maliki voelt zich alsof hij is misleid (of misleid is, ook correct ge­formuleerd), hij voelt zich misleid. Hij heeft het gevoel dat hij is misleid / misleid is. In de verkorte, compactere vorm “dat hij zich voelt misleid”, neemt het niet-hulpwerkwoord ‘voelen’ als het ware de rol, de functie, het gevoel over van wel-hulpwerkwoord ‘zijn’ van ‘is misleid’.

Het voelt voor mij als een plausibele verklaring, maar niet als voldoende reden om de zin als goed te beoordelen.

Wat ook kan is dat de verklaring ligt in wat ik vaker heb gesuggereerd (hier en hier en hier): men denkt bij redacties nog steeds dat de zogeheten rode volgorde beter is en de groene vermeden moet worden (dat is niet zo, ze zijn equivalent, bij hulpwerkwoord + werkwoordelijk deelwoord), én ze passen die niet-bestaande regel ook nog toe op situaties waarin dat niet moet en niet kan en tot een fout resultaat leidt, namelijk bij koppelwerkwoord + eigenschappelijk deelwoord, of zoals hier, bij een nauwelijks-koppelwerkwoord + dito.

Afgekeurd

Ik weet het niet, wat de reden is. Maar mijn conclusie blijft, in dit voorbeeld: taalfout. Ik moet streng zijn en dat ben ik ook.


Copyright © 2014 R. Harmsen. Alle rechten voorbehouden, all rights reserved.

Kleuren: Neutraal Raar Geen voorkeur Pagina opnieuw laden