Steun?

Lesje economie

16 april 2013

Aanleiding

Bij toeval, via omzwervingen die met het onderwerp van dit artikel niets te maken hebben, kwam ik op het blog Vriendeling.nl twee artikelen tegen van gastauteur Erwin Witteveen, resp. getiteld Economieles voor beginners en Curatoren DSB tonen aan hoe fout Bos zat.

De artikelen dateren van 18 oktober resp. 27 november 2009, dus mijn reactie bijna 3,5 jaar later is mosterd na de maaltijd. Maar ik geef die toch, al was het maar omdat ik de inzichten die ik nu heb, toen nog niet verworven had. Toentertijd had ik dus niet op de artikelen kunnen reageren zoals nu, ook niet als ik ze al wel opgemerkt had.

Verwarring

Erwin Witteveen verwarde mijns inziens solvabiliteit en liquiditeit.

In artikel nr. 158 schreef hij:

Enkele weken later melden de curatoren al: ‘als alles is afgewikkeld, resteert nog een verlies van zo’n 300 miljoen euro.’

Die 300 miljoen verlies die over zouden blijven na doorverkoop van alle hypotheken (wat overigens veel tijd en moeite kost), dat gaat over solvabiliteit en eigen vermogen. Een negatief eigen vermogen, daaraan gaat een bank kapot.

Geld daar weg nu het nog kan!

Maar het acute probleem was hier dat spaarders massaal geld weghaalden van meteen opvraagbare spaarrekeningen.

Hierbij valt naar mijn mening Pieter Lakeman veel te verwijten: die riep op tv op tot een bankrun. Met een bankrun kun je per definitie iedere bank kapot krijgen, ook een voorheen gezonde. En daar heeft helemaal niemand voordeel van, of het moeten de curatoren en concurrenten zijn.

Ik ga zo ver dat ik vind dat het Wetboek van Strafrecht uitgebreid zou moeten worden met een artikel dat het oproepen tot een bankrun strafbaar stelt. Maar bij mijn weten mag zo’n verwoestende actie tot nu toe gewoon zomaar.

Liquiditeit

Door het weghalen van spaargeld door bezorgde spaarders van DSB bleef er te weinig liquiditeit over. Dat is die 26 miljoen aan kasgeld waarvan volgens auteur Erwin Witteveen (zie artikel nr. 149) de toenmalige minister van FinanciŽn gewag maakte:

Bos roept o.a.
Er zat nog maar 26 miljoen in kas

En in het andere artikel staat:

De omvang van het probleem bedroeg slechts tussen de 100 miljoen (minimale schatting DS) en 300 miljoen euro (maximale schatting curatoren).

De staat had dat bedrag van 26 miljoen euro inderdaad wel kunnen aanvullen, en ook wel 100 of 300 miljoen kunnen ophoesten. Voor een heel land zijn dat geen grote bedragen. In de woorden van Erwin Witteveen:

De onbetwistbare conclusie is derhalve, dat als Bos op 18 oktober 300 miljoen staatssteun in de DSB had gestopt, dat er dan he-le-maal niks aan de hand was geweest. Dat alle klanten van DSB dan al die ellende was bespaard gebleven. Dat alle achterstallige depositohouders dan nog hun geld gehad zouden hebben.

Te paard

Maar dat klopt niet. Wat Witteveen namelijk vergeet, is dat zo’n liquiditeitsinjectie niet de garantie had gegeven dat het probleem opgelost was, definitief en stabiel. De belangrijkste asset van een bank is namelijk vertrouwen. Als dat vertrouwen eenmaal aangetast is geraakt, is er vaak geen redden meer aan. Vertrouwen komt immers te voet, maar gaat te paard, zoals het spreekwoord zegt.

Toen de bankrun eenmaal begonnen was, had die gemakkelijk kunnen blijven doorgaan. Steeds meer mensen met spaarrekeningen bij de DSB zouden geneigd zijn geweest hun geld contant op te nemen of het naar andere banken over te hevelen. Om de DSB te redden, zou de staat dat dan ook steeds maar hebben moeten blijven aanvullen: dweilen met de kraan open.

Debet op de bankbalans: steeds meer aanvullende liquiditeit, die meteen weer wegvloeit naar andere banken. Credit: steeds meer achtergestelde leningen, ter vervanging van de verminderende leningen van spaarders aan de DSB.

Dat, denk ik, zijn de miljarden die genoemd werden, ik citeer:

Bos roept o.a.
[...]
Het is 5 miljard risico als ik staatsgarantie geef.

En:

Meerdere malen heeft Wouter Bos die week subtiel gesuggereerd dat er minstens 5 miljard overheidsgarantie nodig zou zijn om de DSB te redden.

Oneigenlijk

Zo’n redding kan nooit de bedoeling zijn. Als een bankrun maar door blijft gaan, is een bank op den duur geen bank meer, ook met staatssteun niet.

De bedoeling van een bank is dat die inleg vanuit het publiek (bedrijven en huishoudens) omzet in leningen aan datzelfde publiek (andere bedrijven en huishoudens). Het eigen vermogen (slechts een percentage van het balanstotaal) dient daarbij als buffer.

Een bank daarentegen die aan creditzijde vrijwel alleen maar eigen vermogen heeft staan, in de vorm van achtergestelde leningen van de overheid, die is niet bezig met waar een bank voor bedoeld is.

Bovendien zou zo’n ‘redding’ veel duurder zijn voor de overheid: in het ergste geval kost dat het hele balanstotaal, terwijl als de regering de bank opkoopt, het voldoende is om alleen het eigen vermogen aan te vullen tot het minimaal vereiste deel van de uitgezette risicodragende leningen.

Beleid

De DSB was geen systeembank, en dus lag het niet op de weg van de regering om die bank te redden. Minister Bos heeft m.i. juist gehandeld. Erwin Witteveen daarentegen schreef wel heel heftige woorden:

Bos is ůf dom, ůf crimineel. En daarom moet hij ook aftreden. Aan een crimineel kunnen wij ons belastinggeld niet toevertrouwen. De minister van financiŽn is de penningmeester van de staatskas. Dat laat je toch niet door een boef beheren? En als hij onschuldig is, dan is hij dus een domoor. En ook dan moet hij met spoed van zijn stoel geschopt worden. Want een domoor als penningmeester, dat is bijna net zo erg als een crimineel.

Mijn mening is dat Erwin Witteveen juist zelf een beetje dom is. Of althans was, in 2009, en ook nog op 7 juli 2011 toen hij als commentaar gaf dat hij achteraf gelijk had gekregen.

Erwin Witteveen wilde een economieles geven, maar heeft die zelf nodig, met als speciale aandachtspunten: wat is een bank, hoe zit een bankbalans in elkaar, wat is de taak van een bank, hoe functioneert een bank?

Ben ik nou zo dom …?

Wat ook kan, is dat juist Ūk het allemaal verkeerd begrijp. Dat weet je maar nooit. Met die mogelijkheid hou ik altijd rekening. Voor het Dunning-Kruger-effect is niemand immuun, zelfs ik niet.

Ik heb nooit economie gestudeerd, zelfs had ik dat vak op de middelbare school (mammoetwet!) nooit in mijn pakket. Dus kom maar op met die kritiek.


Copyright © 2013 R. Harmsen. Alle rechten voorbehouden.

Kleuren: Neutraal Raar Geen voorkeur Pagina opnieuw laden