Origineel d.d. 17 juni 2013: Família, door J. Rentes de Carvalho.

Nederlandse vertaling uit het Portugees d.d. 22 juni 2013 door Ruud Harmsen. Opmerkingen van de vertaler.


Familie

In mijn familie ben ik de enige die Portugees spreekt. Met mijn vrouw, dochters, schoonzoons, kleinkinderen spreek ik een andere taal, en wat ze van me lezen is in vertaling. Daar komt bij dat ik in Portugal alleen nog een paar verre verwanten heb, van de vierde of vijfde generatie, die graag de banden aanhalen als ze mijn naam in de krant zien staan. Het betekent dat als ik dit leven verlaat, ik alleen op vreemde bodem nageslacht nalaat, en hier slechts mijn gebeente, waarvan ik hoop dat ze het zullen begraven op het kerkhof waar ook degenen liggen waaruit ik voortkwam. Waarschijnlijk zal nog enige tijd hier en daar een boek van mij worden aangetroffen, en mogelijk beklijft de herinnering bij enkelen die me vriendschap gaven.

Wie een gewoner leven leidt dan ik, komt dit wellicht schamel, bizar, zelfs somber voor, en zal zich verbazen over mijn berusting in mijn lot.

Berusting? Niet alleen ben ik er tevreden mee, er gaat bijna geen dag voorbij dat ik me er niet over verheug.

Had ik een beter leven kunnen hebben? Uitzonderlijk? Een dat in de annalen wordt opgenomen? Misschien. Maar waarschijnlijk had ik in geen daarvan het meisje ontmoet, helemaal “uit de buurt van Pombal”, die me bezocht op de boekenbeurs (Feira do Livro) in Lissabon, en met stralende ogen van enthousiasme woorden sprak die ik niet zal vergeten. Of Vítor, van zo ver gekomen om een minuut met me te kunnen praten. De man die me geëmotioneerd bedankte dat ik Montedor geschreven heb, dat hij las in 1968 en het verhaal was van zijn lijden en ontgoocheling. De jongeling die me geluk wenste.

Verrast en dankbaar vind ik in hen de familie die ik hier niet had.